Functie INTEGER

De functie INTEGER rondt een getal of celverwijzing naar beneden af naar het dichtstbijzijnde gehele getal. 

Deze functie kijkt dus niet naar wat er achter de decimalen staat.

Zowel 12,3 als 12,6 worden met deze functie afgerond naar 12:

Figuur 1

Deze functie is vooral handig in combinatie met andere functies.

Schrijfwijze formule

=INTEGER(getal)

Argumenten

getalHier voer je het getal of celverwijzing in die je naar beneden wilt afronden

Voorbeeld

In Excel wordt de verwachtte omzet bijgehouden:

Figuur 3

Je zou gewoon kolom D bij elkaar op kunnen tellen met de functie SOM

Aangezien het echter een schatting is, hoeft de verwachtte omzet niet perse met decimalen worden weergegeven. 

Door de functie INTEGER te combineren met de functie SOM wordt de inhoud van kolom D bij elkaar opgeteld en wordt het resultaat afgerond getoond.

  • Typ in cel D8 de formule =INTEGER(
  • Typ daarna de functie SOM(
  • Typ het celbereik dat je wilt optellen en sluit de functie SOM met een )
  • Typ nogmaals een ) om de functie INTEGER af te sluiten.
  • Klik op enter.
Figuur 4